Colson & Fagard, Geassocieerde notarissen te Maasmechelen

 

Colson & Fagard

Geassocieerde notarissen te Maasmechelen

De reservataire erfgenamen

De wetgever heeft de langstlevende echtgenoot en de kinderen een speciale bescherming willen bieden als het op erven aankomt. Hoe dan ook moet een minimaal deel van de erfenis voor hen voorbehouden worden. Dit minimaal deel noemt men de “reserve”. Iedere persoon die aan successieplanning wil doen – door bijvoorbeeld te schenken of een testament op te stellen – moet rekening houden met de reserve van zijn kinderen en zijn echtgenoot. Men schenkt of stelt dus best een testament op ten belope van het vrije of “beschikbaar” deel.

Sommige erfgenamen hebben niet alleen een erfrecht, maar ze hebben ook een beschermd minimum erfdeel, een reserve.

De reserve mag niet aangetast zijn door eerder gedane schenkingen of legaten, op risico dat deze legaten en schenkingen “ingekort” worden. Iedere reservataire erfgenaam mag de inkorting vragen indien hij of zij meent dat zijn of haar reserve aangetast is.

 

Hoe wordt onderzocht of de reserve is aangetast?

Volstaat het als u becijfert hoe groot de nalatenschap van de overledene is op zijn sterfdag en daar dan de berekening van de reserve op loslaat? Neen. De wetgever heeft daar anders over beslist.
Stel: we houden bij de berekening van de reserve alleen rekening met wat de erflater bij zijn overlijden nalaat. Dan zou de wettelijke reserve snel haar betekenis en nut verliezen. U schenkt tijdens uw leven uw vermogen zo goed als volledig weg. Er blijft weinig of niets over en de wettelijke reserve wordt uitgehold. De reserve moet worden berekend op de nalatenschap zoals die er zou uitzien als de overledene tijdens zijn leven geen schenkingen had gedaan. Daarom wordt na het overlijden de ‘fictieve massa’ samengesteld. Die bestaat uit de erfgoederen die nog in de nalatenschap zitten, plus alle schenkingen die de overledene tijdens zijn leven deed. Ze is dus ‘fictief’, want de weggeschonken goederen zitten niet meer in het vermogen.

 

Vandaag zijn de reservataire erfgenamen:

  • de langstlevende echtgenoot (de wettelijk samenwonende partner heeft slechts een erfrecht, maar dit kan worden beperkt en is dus géén reserve!)
  • kinderen (of klein- of achterkleinkinderen indien het kind zelf overleden is of verworpen heeft)
 
 

Sinds 1 september 2018 hebben ouders géén reserve meer. Betekent dit dat ouders nooit meer van hun kinderen kunnen erven? Nee, zeker niet. Erven gebeurt volgens een bepaalde volgorde en ouders zullen nog steeds in aanmerking komen om te erven wanneer er geen kinderen zijn (eventueel in samenloop met andere erfgenamen). Alleen zal men bij leven kunnen kiezen om het erfrecht van de ouders te beperken of hen dit volledig te ontnemen in het voordeel van iemand anders. Om de afschaffing van de ouderlijke reserve wat te compenseren bepaalt de wet wél dat behoeftige ouders recht zullen hebben op een levensonderhoud.